T. Krishnamacharya


KMC jonge YogiKRISHNAMACHARYA werd geboren op 18 november 1888 in het dorpje Tirumalai nabij Mysore in het Zuiden van India. Hij werd genoemd naar de Heer Krishna, één van de incarnaties van de heer Vishnoe. Zijn familie behoorde immers tot de Shri Vaisnava sampradayam, een traditie die Vishnoe aanbad en die Mysore als spiritueel centrum had.

Zijn vader die zijn eerste leraar was en hem ook de beginselen van yoga bijbracht, stierf echter toen hij tien jaar was.

Krishnamacharya-s nonkel was op dat moment de spirituele leider van de traditie en daarom verhuisde hij naar het bisschoppelijke college van Mysore. Hij was een begenadigd en leergierig student. Hij heeft tot 1925 zowat alle mogelijke traditionele studies gedaan aan vele Indiase universiteiten.

In 1906 ging hij op bedevaart naar Alvar Tirunagari (600 km. van Mysore), de bakermat van de spirituele traditie. Daar – zegt de legende – openbaarde één van zijn voorouders Nathamuni (9e eeuw NC) hem in een visioen de Yoga Rahasya (de geheimen of parels van de yoga): een  belangrijk maar verloren gegaan werk over yoga.

Krishnamacharya is altijd gefascineerd geweest door yoga en reisde in 1915 naar Tibet bij het meer Manasarovar aan de voet van de berg Kailasa waar hij zeven en een half jaar studeerde bij zijn yogaleraar Rama Mohana Brahmacari.

In 1922, terug in India, hervatte hij zijn klassieke studies die hij afrondde in 1925 aan de universiteit van Varaṇasī (Benares).

Ook in 1925 trad hij in een gearrangeerd kinderhuwelijk met Namagiriamma (14 jaar).

Krishnamacharya is altijd de spirituele adviseur en ayurvedische arts geweest van maharaja-s en belangrijke academische en commerciële mensen.

De Maharaja van Mysore vroeg hem om leraar Sanskriet en Yoga te worden aan het koninklijke paleis. Van 1933 – 1947 leidde hij er de yoga shala (school). Hij gaf er yoga aan kinderen en jeugd maar ook aan volwassenen, zwangere vrouwen en mensen met beperkte fysieke en psychische mogelijkheden. Yogatherapie heeft in zijn leven altijd een belangrijke plaats ingenomen. Hij introduceerde er ook begrippen die nu gemeengoed zijn geworden in de yoga zoals viniyoga, krama-s (oefenstijlen), de vinyasakrama van de houdingen, vinyasa-s enzovoort. Bekende leerlingen uit die tijd zijn Patthabi Jois, BKS Iyengar en Indra Devi

Toen in 1947 India onafhankelijk werd, sloten de nieuwe machthebbers de yogaschool en trok Krishnamacharya in 1950 om den brode naar Chennai.

In 1961 werd ingenieur TKV Desikachar leerling van zijn vader. Hij studeerde bij hem tot in 1989. Men kan dus stellen dat wat gekend is onder de naam ‘onderwijs van TKV Desikachar’ het gezamenlijke werk is geweest van vader en zoon.

In 1976 richtte TKV ter ere van zijn vader de Krishnamacharya Yoga Mandiram op.

In 1988 viert men de honderdste verjaardag van T. Krishnamacharya en in 1989 overlijdt hij.

Kenmerkend voor zijn ruimdenkendheid was het respect voor de religieuze overtuiging en vrijheid van de leerling. Meditatie was volgens hem cultuurgebonden. Een gelovige uit het westen hoort niet tot Narayana te bidden maar tot Jaweh, God, Allah of Jezus.