Opleiding – Programma – aantal uren

  • De yogafederatie legt een minimum van 500 contacturen op. Daarvan zijn er 380 uren met een verplicht leerprogramma. De uren staan tussen de ronde haakjes.
  • Deze opleiding telt 500 uren (+ 6 uren voor de zogenoemde examens).
  • De vrij te kiezen 120 uren gaan allemaal naar de yogatechnieken. De in de opleiding effectief aan het vak gespendeerde uren staan tussen de vierkante haakjes in het rood.
  • De yogafilosofie wordt op een objectieve, descriptieve en vrijblijvende manier gedoceerd.
  • De praktijken die we elke dag van de opleiding doen, staan in het kader van de opleiding.
    Het gaat niet om persoonlijke praktijken op maat van elke leerling. Hij heeft daarvoor zijn persoonlijke leerkracht (in de loop van de week).
  • Verschillende gekwalificeerde leerkrachten
Het programma

1. Enkele Indische basisgeschriften (100 uren) [110 uren]

– de vijf klassieke Vedische darshana-s  (5 uren) [10 uren]
– de alternatieve Vedische  darshana-s: het boeddhisme (vrij aantal uren) [5 uren]
– de yogasutra-s van Patanjali (60 uren) [60 uren]
– de Bhagavad Gita (30 uren) [30 uren]
– andere teksten  (5 uren) [5 uren]:  de Upanishad-en,  de hathayogapradipika, de Yogarahasya enzovoort.

2. asana en praktijklessen (100 uren) [128 uren]

Analyse van een vijftigtal basis-yogahoudingen (asana-s).
Het uitleggen en bespreken van de asana-s (naam, schema van de houding, de voornaamste eigenschappen, het uitvoeren, voorbereiden, compenseren van de houding, de ademhaling in de āsana, de indicaties, contra-indicaties, enzovoort

Praktijk: het aanleren en beoefenen.

3. pranayama (ademhalingsoefeningen) (15 uren) [34 uren]

De zomerstage van het derde jaar gaat volledig over pranayama maar de ademhalingsoefeningen hebben een plaats in de opleiding vanaf de eerste les.

Praktijk: het  aanleren en beoefenen.

4. Mudra-s en bandha-s (5 uren) [15 uren]

Theorie: uitleggen, behandeling in klassieke teksten.
Er is een samenhang met asana en pranayama.
Praktijk: aanleren en beoefenen.

5. Meditatie (20 uren) [20 uren]

Theorie: uitleg van de yoga-meditatie volgens het onderwijs van TKV Desikachar en de technieken.
De school heeft daar een eigen visie op en laat de leerlingen vrij in hun keuze van meditatie.

Er is uiteraard een samenhang met asana en pranayama.
Praktijk: het aanleren en het beoefenen

6. Westerse anatomie en fysiologie (40 uren) [40 uren]

– zuivere anatomie
– toegepaste anatomie op de yogahoudingen

7. Didactiek en deontologie (100 uren) [119 uren]

 – Deontologie van de yogaleraar. (1 uur) [1 uur]
Het bespreken van de deontologische code van de yogaleerkracht.

Opstellen van een verantwoorde praktijkles [24 uren]

Theorie: Het aanleren van de principes voor het maken van een goed lesschema en de bespreking van de gemaakte lesschema’s door de leraar.
Praktijk: Het maken van lesschema’s in opdracht van de school (huistaken).
Dit wordt geleerd in de zomerstage van het eerste jaar.

– Les geven: de door de leerling geleide les en nabespreking (60 uren) [60 uren]

Theorie: didactische beoordeling en bespreking van elke les die door een leerling gegeven wordt.
Praktijk: het onder toezicht geven van lessen (zelf gemaakte en andere).
Deze module sluit aan bij punt 2 praktijk.

– Het plannen van een schooljaar (5 uren) [24 uren]

Theorie: Het aanleren van de principes om op een behoorlijke manier een schooljaar te plannen.
Praktijk: Het plannen van een schooljaar in opdracht van  de school, met nazicht en bespreking van het  geleverde werk.
Dit leert men in  de zomerstage van het tweede  jaar.

– Het individueel les geven (10 uren) [10 uren]

Theorie: Het  aanleren van de principes  van het individueel  lesgeven.
Praktijk: Het  geven van individuele  lessen gedurende de opleiding, onder toezicht en met bespreking achteraf.

8. De  laatste zomerstage, deze van het vierde jaar, is een  algemene herhaling [34 uren + 6 uren]

 Een reeks voordrachten, praktijken en testen.
De testen (examens) zijn enkel  naar de vorm schools. De leerling krijgt gedurende de opleiding herhalingsvragen waaruit  uiteindelijk de schriftelijke  examenvragen komen. Die vragen worden gezamenlijk  onder de leerlingen bediscussieerd.

Geheugenwerk is  er niet voor nodig.